Een paar jaar geleden publiceerde Joris Luyendijk het inmiddels beroemde boek Het zijn net Mensen, waarin hij uitlegt waarom eerlijke journalistiek bedrijven in het Midden-Oosten bijkans onmogelijk is. Zijn eigen ervaringen in het gebied kwamen nauwelijks overeen met wat hij op televisie zag én met wat hij zelf aan de media rapporteerde. Hij kreeg te weinig informatie en dat kleine beetje werd dan ook nog eens driedubbel gefilterd door allerlei instanties. Hoewel er kritiek kwam op zijn boek, was bijna iedereen het er wel over eens dat Luyendijk een gevoelige snaar had geraakt: de media weten niet alles en misschien moesten ze dat maar eens wat vaker zelf toegeven ook.
Tot zover niets aan de hand, maar is de berichtgeving hier zoveel beter? In De Volkskrant van zaterdag 28 maart j.l. staat een uitstekend artikel van Eric Arends over de manier waarop de Italiaanse minister-president Silvio Berlusconi de publieke opinie niet alleen bespeelt, maar zelfs controleert. Berlusconi heeft grote zakelijke belangen in vrijwel alle grote media van het land, die er dan ook niet aan denken om iets negatief over hem te schrijven. Nieuws over mogelijke corruptie wordt als onbelangrijk gebracht of dusdanig gemanipuleerd dat Berlusconi zelf er ongeschonden uitkomt. Niemand spreekt hem openlijk tegen als hij iets beweert wat overduidelijk niet waar is.
Jaja, zal Luyendijk nu tegenwerpen, maar er zijn in Italië wel degelijk een paar onafhankelijke kranten die zeer kritisch zijn over Berlusconi. Dat klopt, maar zoals Arends in zijn artikel terecht opmerkt: die worden maar door een zeer selecte groep Italianen gelezen. Luyendijk kijkt vanuit de journalist, maar het perspectief vanuit de burger is natuurlijk veel belangrijker. Het overgrote deel van de Italiaanse bevolking leest die kritische kranten niet en gaat uit van wat ze in Berlusconi’s media lezen of op zijn televisiekanalen zien. De meeste Italianen krijgt dan ook net zulk gemanipuleerd nieuws over het eigen land te horen als over de verwikkelingen in het Midden-Oosten.
Ook op eigen bodem zijn er legio voorbeelden van journalistieke praktijken waaruit blijkt dat de berichtgeving van geen kanten klopt. En dan heb ik het niet eens over cover-ups of manipulatie door politieke mogendheden. Als Geert Wilders (u verwachtte hem al een tijdje) uit de kamer wegloopt, is de rest van het debat voor een groot deel van de media volstrekt onbelangrijk. Mooi was het moment waarop een verslaggever Femke Halsema niet eens een vraag stelde, maar simpelweg toewierp: ‘Geert Wilders weg!’ Halsema vroeg zich vervolgens terecht geërgerd af of dát nou hetgeen was waar de media zich die dag mee bezig hielden. Wilders heeft zich behendig in een positie gemanoeuvreerd waarin álles wat hij doet belangrijker lijkt (of wordt gemaakt) dan het echte nieuws. Dat kan alleen maar met de steun van media die hoofd- en bijzaken niet scheiden en zo bewust (!) een vervormd beeld van de realiteit geven omdat dat lekker scoort. Een tierende Wilders trekt nu eenmaal meer kijkers dan een gedegen overzicht van het daadwerkelijke debat.
Dat kritische en oprechte journalistiek mogelijk is, wil nog niet zeggen dat ze ook op die manier bedreven wordt. En al helemáál niet dat het uiteindelijke product ‘klopt’ met de werkelijkheid. Neem de titel van dit stukje. Luyendijk heeft helemaal geen ongelijk. Wel gaat hij er te gemakkelijk aan voorbij dat berichtgeving uit Europa en Amerika vaak net zo onbetrouwbaar is als die in of vanuit niet-westerse landen. Maar ja, probeer dat maar eens te vertalen naar een pakkende titel. Laat staan een rijmende.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten